Heeft een dialect invloed op het salaris?

Mensen die dagelijks dialect spreken, verdienen 5 tot 15 procent minder dan degenen die altijd Standaardnederlands (voorheen Algemeen Beschaafd Nederlands) spreken.

Dat blijkt uit onderzoek van Jan van Ours, hoogleraar arbeidseconomie aan Tilburg University. Van Ours onderzocht inkomensverschillen en kwam tot de conclusie dat een lager salaris alleen kon worden verklaard door het feit dat de onderzochten dialect spraken en niet door leeftijd, opleidingsniveau of woonplaats (stad of platteland). Dat lijkt slecht nieuws voor werknemers uit de regio West- Brabant, waar dialecten en accenten aan de orde van de dag zijn.

Er zijn ook onderzoeken die uitwijzen dat het spreken van dialect voordelen oplevert. Tenminste, als het naast een andere taal wordt aangeleerd. Zo onderzocht de Universiteit van Maastricht samen met het Meertens Instituut – dat de Nederlandse taal onderzoekt – Limburgse kinderen die zowel dialect als ABN spraken. Uit het onderzoek bleek dat tweetalige kinderen over het algemeen betere cognitieve vaardigheden hebben dan eentalige. Omdat tweetalige kinderen voortdurend een van beide talen onderdrukken, zijn ze beter in staat om belangrijke informatie te scheiden van niet-belangrijke (bron: Meertens Instituut).

Beter of niet, Jeroen van Glabbeek, oprichter en CEO van het internationaal opererende technologiebedrijf CM in Breda, onderschrijft de stelling dat een dialect in de weg kan staan. “In een bedrijf dat in heel Nederland en ook wereldwijd werkt, moet je goed Nederlands spreken. Zeker als je een representatieve functie hebt of veel aan de telefoon zit. Heb je een zwaar accent, dan kun je misschien beter bij een regionaal bedrijf gaan werken. Bij ons is het ook wel eens voorgekomen dat er iemand solliciteerde met een zwaar accent. Die hebben we geadviseerd te gaan werken in een bedrijf dat voornamelijk in Breda werkt.

Zelf heeft de 37-jarige Van Glabbeek spraaklessen genomen om zijn Brabantse accent af te leren. “Ik houd vaak presentaties en dan helpt het om goed over te komen. Die zachte g maakt me niet veel uit, maar ik gebruikte bijvoorbeeld vaak verkleinwoorden, zoals ‘dingetjes’. Ik heb trouwens het idee dat dialect er steeds meer uit gaat. In mijn jeugd hoorde ik het veel meer om me heen. Ik denk dat het vooral komt door de invloeden van buitenaf.”

Herkent u dit?
Spreekt u zelf met een dialect en heeft u na het lezen van dit artikel de gedachte om hier iets aan te willen doen, neemt u dan contact met ons op.

(Bronvermelding: Blendle)

Heeft u vragen omtrent voeding van uw jonge kind, neemt u dan gerust contact op.

O nee, de baby wil de fles niet!

Wat als je verlof er bijna opzit en je baby weigert uit een flesje te drinken? Steeds meer ouders slaan alarm. ,,Een baby die de fles niet pakt, is vooral lastig. Maar met een baan is het een groot probleem.”

 ,,Lois dronk probleemloos aan de borst, maar de fles wilde ze niet. We probeerden van alles, talloze flessen en spenen, bij daglicht en in het donker; niets werkte. Ik raakte in paniek, want hoe moest dat dan op de crèche?”

Lactatiekundigen en prelogopedisten (experts in drinkproblemen bij zuigelingen) zien steeds meer baby’s zoals Lois. Meestal kindjes die tegen de drie maanden oud zijn. Ouders geven na een paar weken een keer een flesje, maar vergeten om dat te blijven doen. Als het werk dichterbij komt, lukt het niet meer, schetst de Nederlandse Vereniging van Lactatiekundigen (NVL).

Baby Lois weigert de fles

Lepeltje of bekertje

Baby’s leven de eerste weken op reflexen.

Lenie van den Engel-Hoek, prelogopedist

In het meest gunstige geval krijgt een geduldige crècheleidster of oppasoma de baby overstag. Lukt dat niet, dan rest een lepeltje of bekertje om te zorgen dat het kind wat milliliters binnenkrijgt. Óf moeder moet overdag ‘live’ voeden, zoals moeder Sin maandenlang deed. Herkenbaar, stelt AJN Jeugdartsen Nederland: zij komen op consultatiebureaus vaak moeders tegen die heen en weer racen tussen werk en crèche.

Hoewel de term flesweigeraar impliceert dat een kind de fles niet wíl, is het in veel gevallen een kwestie van niet kúnnen, zegt Lenie van den Engel-Hoek van de Landelijke Werkgroep Logopedie voor 0-2 jaar en prelogopedist in het Radboudumc in Nijmegen. ,,Baby’s leven de eerste weken op reflexen: de happende reflex om aan de borst te drinken en de zuigende reflex om uit een flesje te drinken. Maar ergens tussen de acht en twaalf weken doven die reflexen en als je in die periode de zuigbeweging met een fles niet dagelijks oefent, loop je het risico dat een kindje van drie maanden niet meer weet hoe het moet.”

Cijfers over het aantal flesweigeraars ontbreken vooralsnog, betreurt Van den Engel-Hoek. ,,Wat we wel weten: steeds meer moeders werken drie of meer dagen. Een baby die de fles niet pakt, is vooral lastig. Maar met een baan is het een groot probleem.”

Focus op borst

Door de focus op de borst raakt de fles op de achtergrond.

jeugdarts Mascha Kamphuis

Daarnaast houden moeders die aan borstvoeding beginnen (80 procent) het langer vol, waardoor ook de noodzaak om met een flesje aan de gang te gaan daalt, denken de zorgverleners. Anno 2015 geeft 47 procent van de moeders drie maanden de borst, tegenover 29 procent in 2010. 39 procent houdt het zelfs zes maanden vol, tegenover 18 procent in 2010, aldus TNO-onderzoek.

Blijkbaar helpt het dat de geboortezorg het advies van de Wereldgezondheidsorganisatie om zes maanden te voeden actief uitdraagt. ,,Prachtig, maar door die focus op de borst raakt de fles op de achtergrond”, zegt jeugdarts Mascha Kamphuis (AJN Jeugdartsen). ,,Terwijl oefenen met een flesje toch geen pleidooi is voor kunstvoeding, er kan ook prima moedermelk in. Het is gereedschap dat een moeder vrijheid geeft, zowel tijdens het verlof als daarna.”

Kamphuis erkent dat lang niet alle consultatiebureaus adviseren om op tijd en regelmatig te oefenen. ,,Het staat helaas niet in de richtlijn borstvoeding en geldt dus niet als landelijk advies.”

Bovendien, zo stelt Van den Engel-Hoek, maken kraamzorg en ziekenhuis kersverse moeders nogal eens bang met ‘tepel-speenverwarring’, waardoor het kindje niet meer de moeite zou nemen om uit de borst te drinken als te vroeg een fles of fopspeen wordt aangeboden. ,,Er wordt niet bij verteld dat je gerust een flesje kunt geven als de borstvoeding goed op gang is, na een week of vier”, aldus de prelogopedist.

Tepel-speenverwarring

Wat ze overdag niet binnenkreeg, haalde Lois ’s nachts in. Door alle stress liep ook mijn borstvoeding terug.

Vivian Sin, moeder

Ook moeder Sin was gewaarschuwd voor tepel-speenverwarring en probeerde pas met acht weken een fles. Die dronk dochtertje Lois probleemloos leeg, maar een paar weken later met geen mogelijkheid meer. ,,Had íemand me maar verteld dat ik elke dag met een fles had moeten oefenen!”

Prelogopedist Linda Heijnen uit Utrecht kreeg Lois – toen drie maanden oud, nu acht – aan de fles door allerlei oefeningen te doen, zoals voeden in een bepaalde houding, in dit geval op schoot. ,,Maar meer dan 50 milliliter per keer lukt niet”, vertelt Sin.

Op enkele baby’s na die om nog onverklaarbare reden nooit aan een fles, fopspeen of pink gaan zuigen, geldt volgens Heijnen: hoe eerder je erbij bent hoe beter. ,,Is de zuigreflex verdwenen, dan kan het een lange zoektocht worden op de crèche. Beetje uit de fles, beetje van een lepeltje, beetje uit een cupje en zo snel mogelijk vast voedsel. Vaak blijft het tot negen maanden – als een kind rechtop kan zitten en uit een (rietjes)beker kan drinken – schipperen.

Voor moeders is dat slopend. Sin: ,,Wat ze overdag niet binnenkreeg, haalde Lois ’s nachts in. Door alle stress liep ook mijn borstvoeding terug.” Heijnen: ,,Dat zie ik vaker. Dan loop je het risico dat een kindje te weinig vocht binnenkrijgt en uitdroogt.”

Om die ellende te voorkomen, zou het goed zijn als alle hulpverleners die met baby’s te maken hebben, weten hoe belangrijk oefenen met de fles is, stellen jeugdartsen, lactatiekundigen en prelogopedisten. De kans dat het binnenkort in de richtlijn borstvoeding wordt opgenomen, is echter klein, verwacht Hester Rippen van de Landelijke Borstvoedingsraad. Volgens haar is het thema ‘fles weigeren’ in nationaal verband nog niet ter tafel gebracht.

Gratis TOS-CHECK app

Begrijpt je kind anderen vaak niet of maakt het wel erg korte zinnen? Mogelijk is er sprake van een taalontwikkelingsstoornis (TOS). Kentalis heeft een laagdrempelige en eenvoudige app ontwikkeld om het spraaktaalniveau te testen. Het gaat hier echt om een eerste, korte check. Verdere, uitgebreide diagnostiek is altijd noodzakelijk.

De app is speciaal bedoeld voor jonge ouders én voor professionals die werken met jonge kinderen in de leeftijd van 1 tot 7 jaar. De app is gratis te downloaden in de App Store en via Google Play.

Kijk voor meer informatie op www.kentalis.nl/TOS-check-app

Publicatiedatum: 16 augustus 2016

Kwaliteitstoets

Op 4 juli 2016 hebben we de audit voor logopedie behaald!
Hierdoor hebben we de praktijk naar een hoger level gebracht.

naamloos

 

“De kwaliteitstoets logopedie heeft als doel inzicht te geven in de kwaliteit van processen, producten en diensten rondom de logopedie”.

Bedrijvigheid keert terug in de Belcrum

Bedrijvigheid keert terug in de Belcrum

_mg_2167

BREDA – Het nieuwe station en de prominente ingang aan de zijde van de Belcrum blijkt een aanzuigende werking te hebben op de wijk. Eerder bleek dat huizen in de wijk ouderwets vaak boven de vraagprijs weggaan, maar ook ondernemers weten de wijk te vinden.

Wanneer je de Speelhuislaan binnenloopt en goed kijkt, zie je een aantal ondernemingen. Vrijwel direct zie je links hotel De Fabriek met daar aangrenzend restaurant Het Packhuys op de hoek van een van de zijstraten zitten. Een bakker, fysiotherapie, logopedie, spellenwinkel, kinderopvang, interieurarchitectuur, designer en hier en daar een snackbar op ouderwetse hoekpanden in de straat.

Geschiedrijke wijk

“De meeste mensen kunnen zich het misschien niet voorstellen, maar hier zat vroeger nog de Veemarkt”, vertelt een oudere man met groene jas en zwarte hoed die langzaam door de wijk heen loopt. Hij woont nu al 78 jaar in deze wijk.

“Toen werden daar nog koeien verhandeld. De wijk is nu echt aan het verjongeren. Maar dat is alleen maar goed. Steeds meer nieuwe winkels komen terug. Ik woon hier nu zo lang en ik heb de wijk zien veranderen, meestal in positieve vorm.” Terwijl de man wegloopt, roept hij nog: “Er rijdt binnenkort hier ook nog een stoomtram, vergeet dat niet!”

Een 29-jarige man die iedere dag trouw zijn hond uit laat is ook zeker te spreken over de Belcrum. “Ik woon hier nu acht jaar en ik vind het een prima wijk. We hebben hier een erg enthousiaste en actief buurtcomité die alle bewoners goed naar elkaar toe weet te trekken.”

‘Bewoners staan meer open’

Dichtbij het station zit op een van de hoekpanden ‘Dé Spellenwinkel’ waar een collectie aan bordspellen te vinden is. Daar werkt Margot Zijtregtop met veel plezier. “Ik zit hier nu pas sinds oktober en zat voorheen in het Ginneken. Daar had ik een heel klein winkeltje. Een kennis van mij raadde de Belcrum aan en ik koos dit pand zonder twijfel.”

Vroeger was dat wel anders vertelt de eigenares. “Mijn ouders raadden mij vroeger altijd af om door deze wijk te fietsen. Het was een verkeerde wijk vroeger, zo werd het omschreven. Dat beeld is nu echt niet meer zo. Het is bijna het tegenovergestelde van toen.”

Toen ze pas net met Dé Spellenwinkel in de Belcrum zat, sprak een kennis haar aan. “‘Weet je wel dat je in de top 10 van meest gewilde wijken van Nederland woont’ zei ze tegen mij. Dat had ik echt niet verwacht. Maar ik snap wel waarom dat zo is. Iedereen is heel betrokken in de wijk en helpen elkaar een handje. Ze zwaaien vriendelijk naar je. Bewoners zijn hier meer open naar elkaar toe dan waar ik woon.”

Gezond, vers eten

In de wijk verschijnen weer winkels op plaatsen waar ze vroeger in deze wijk ook zaten. Daarmee krijgt de wijk weer nieuw leven. Binnenkort kunnen liefhebbers van gezond eten terecht in de Van Voorst tot Voorststraat bij het tweede filiaal van Maritz Slow Food. Maritza Bajic-Houthoff, eigenaar en oprichter van Maritz Slow Food, hoopt in augustus te openen.

De Van Voorst tot Voorststraat is voor Maritza een logische keuze.“De Belcrum begint steeds levendiger te worden dankzij het nieuwe station bijvoorbeeld. Je hebt in de wijk prachtige hoekpanden die wij uitermate geschikt vonden voor een nieuw pand. Daarnaast hebben wij in de Belcrumhaven onze Foodsloep liggen. Op deze boot kan je onder begeleiding van een ervaren kapitein lekker lunchen over de singels van Breda.”

http://www.bredavandaag.nl/nieuws/algemeen/2016-05-25/bedrijvigheid-keert-terug-de-belcrum

Aanpassing behandeltijd

Geachte cliënt/ouders/verzorgers,

Middels deze brief willen we u informeren over de behandeltijd. Om de zorg binnen de logopedische behandeling te optimaliseren is besloten dat wij per 25 mei 2016 gaan werken met een behandeltijd van 25 minuten, waarin we optimaal de tijd voor u of uw kind hebben. In de overige 5 minuten zullen wij zorg dragen voor de administratieve zaken waardoor we kunnen voldoen aan alle kwaliteitseisen die de zorgverzekeraars ons opleggen.

Wij hopen u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd. Indien u vragen heeft, kunt u deze stellen aan de behandelend logopedist (of telefonisch contact opnemen met 076-5640262).

Met vriendelijke groet,

Team Logopedie & Dyslexie De Witte

Logopedist broodnodig bij voorschools onderwijs

Wie goed is met taal, beheerst de basisvaardigheid om te leren, te begrijpen en zich goed uit te drukken. De overheid rekent het daarom tot haar taak om kinderen vanaf 2 jaar die basisvaardigheid bij te brengen als de ouders de taligheid missen. Over de kwaliteit van dit voorschools onderwijs bestaat de nodige kritiek. Volgens de Nederlandse Vereniging van Logopedie en Foniatrie (NVLF) ontbreekt er echter een essentiële schakel in de politieke discussie: de inzet van de logopedist als taal- en spraakspecialist.

ONDERZOEK NAAR EFFECTEN

Bijzonder hoogleraar Ruben Fukkink presenteerde eind vorig jaar een onderzoek naar de effecten van vroeg- en voorschoolse educatie (vve) waaruit bleek dat de educatieve programma’s op peutergroepen en peuterspeelzalen geen enkele zin hadden op het gebied van taalvaardigheid, rekenen en sociale vaardigheden.

Deze vernietigende kritiek op de effectiviteit van voorschools onderwijs was voor Kamerlid Tjitske Siderius aanleiding om staatssecretaris Sander Dekker van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap om opheldering te vragen. Deze ziet echter vooralsnog geen reden om te stoppen met de investering in voorschools onderwijs.

KWALITEIT MOET OMHOOG

Volgens de NVLF heeft voorschoolse educatie zin als de kwaliteit omhoog gaat en hbo-opgeleide logopedisten worden ingezet. Een taalachterstand als gevolg van een taalontwikkelingsstoornis (TOS) kan namelijk alleen kan worden vastgesteld met logopedische kennis. Hbo-opgeleide logopedisten kunnen een mogelijke taalstoornis signaleren, de oorzaak bepalen en een diagnose stellen. Die diagnose is essentieel voor het vervolgtraject: taalstimulerende vve (voorschoolse educatie) of een logopedische behandeling.

Lees het complete artikel via: Metro nieuws

De Belcrum

Vanaf heden kunt u bij ons ook terecht op deze nieuwe locatie in de Belcrum.

Adresgegevens:

Speelhuislaan 107
4815 CC, Breda

Bekijk alle locaties. Voor aanmelden, klik hier.

Logopedie

Met logopedie helpen we mensen van alle leeftijden met de meest uiteenlopende problemen op het gebied van communicatie.

Aandachtsgebieden

Binnen de logopedie onderscheiden we verschillende aandachtsgebieden. In onze praktijk werken all-round logopedisten. Zij hebben kennis van alle aandachtsgebieden. Tevens heeft onze praktijk veel specialistische kennis in huis. Zo heeft elke logopedist zijn eigen specialisme ontwikkeld binnen één of meerdere aandachtsgebieden. Hierdoor kan iedereen bij ons terecht, ook voor zeer specialistische problemen.

Wij geven u graag uitleg over de verschillende aandachtsgebieden en wat wij voor u of uw kind kunnen betekenen.

Bekijk onze logopedisten

 

Dyslexie

Dyslexie wordt ook wel woordblindheid genoemd en komt voor bij ongeveer 4% van alle Nederlanders. Dyslexie betekent letterlijk dat iemand moeite heeft met taal. Hierdoor gaat lezen, spellen en schrijven moeizamer dan bij leeftijdsgenoten met eenzelfde intelligentie-niveau. Vaak komt dyslexie dan ook naar voren tijdens de schooltijd, waarin er geconstateerd wordt door ouders of leraren dat een kind mogelijk dyslectisch is.
 dyslexie

Behandeling

We bieden uitgebreide mogelijkheden om uw kind te behandelen en te begeleiden in het omgaan met dyslexie. Samen met ouders en de leraar stellen we een behandelplan op en zorgen we ervoor dat uw kind op de beste passende manier wordt geholpen. Voor meer informatie over onze praktijk verwijzen we u graag naar onze praktijk-pagina.